Boekweit kan een belangrijke rol spelen in het versterken van de biodiversiteit in landbouwgebieden. Dat blijkt uit onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) in samenwerking met onder meer de burgercoöperatie Land van Ons. De studie, uitgevoerd door Thijs Fijen en Arjen de Groot, keek van 2020 tot 2024 naar de effecten van boekweitteelt op wilde bestuivers zoals wilde bijen, hommels en zweefvliegen.
© Land van Ons
Onderzoeker Thijs Fijen in het veld
De onderzoekers volgden onder meer percelen in Onnen, Bakkeveen, Ede, de Holtesch en de Biesterhof. Uit de resultaten komt naar voren dat naarmate boekweit langer op een locatie wordt geteeld, de populatie hommels toeneemt. Daarnaast werd in de omgeving van de velden na het tweede teeltjaar een hogere dichtheid aan wilde bestuivers gemeten, ook al voordat het gewas in bloei stond.
Breder voedselaanbod voor insecten
Volgens de onderzoekers is die ontwikkeling niet los te zien van andere natuur-inclusieve maatregelen die op de percelen worden toegepast, zoals extra nest- en overwinteringsmogelijkheden en een breder voedselaanbod voor insecten.
Ook is gekeken naar de rol van honingbijen in en rond boekweitpercelen. Daarbij werd onderzocht of het plaatsen van honingbijkasten tijdens de bloei leidt tot concurrentie met wilde bestuivers. Alleen direct naast boekweitvelden werd een iets hogere dichtheid aan honingbijen gemeten dan in controlegebieden op meer dan 500 meter afstand. Dit patroon was vergelijkbaar met situaties zonder boekweitteelt.
© Land van Ons
Daarnaast blijkt dat honingbijen die worden ingezet voor de bestuiving van boekweit vooral in het gewas zelf blijven en daar vooral profiteren van het grote bloemenaanbod. In de onderzochte situaties werden geen aanwijzingen gevonden dat dit de aanwezigheid van wilde bestuivers in de omgeving negatief beïnvloedt.
Positief effect op wilde bestuiverpopulaties
De onderzoekers concluderen dat boekweit op zichzelf een positief effect kan hebben op wilde bestuiverpopulaties, vooral op de langere termijn en in combinatie met andere biodiversiteitsmaatregelen. Tegelijk benadrukken zij dat het geheel van maatregelen bepalend is voor het effect in het landschap.
In het rapport wordt ook gewezen op een mogelijk voorzorgsprincipe: het verwijderen van honingbijkasten na de piekbloei wanneer boekweitpercelen grenzen aan kwetsbare natuur, zoals heidegebieden. Tegelijk wordt in het onderzoek ook genoemd dat aanvullend bloemaanbod in de omgeving een alternatief kan zijn om voedselbeschikbaarheid voor bestuivers te ondersteunen.
De studie maakt onderdeel uit van breder onderzoek naar de rol van massaal bloeiende gewassen in natuur-inclusieve landbouw.
Bronnen: Land van Ons en Wageningen University & Research