Biologisch melkveehouder Sjaak Hoogendoorn:

"Heel Holland zakt"

Tiende editie ‘It’s the food,my friend’ start met klimaatverandering en bodemdaling, een verslag van Bert van Ruitenbeek (Ecominds).

Met een visionaire landschapsarchitect, een ‘zakspecialist’, een bevlogen wethouder in een verzakkende stad en een innovatieve melkveehouder ging de openingsavond van It’s the food, my friend! vooral over de bodemdaling in de veenweidengebieden. Hier is sprake van een enorme uitstoot van broeikasgassen als gevolg van het kunstmatig verlagen van de waterstand in deze gebieden voor de veehouderij. Voor ruim 200 bezoekers opende Felix Rottenberg de tiende editie van deze landbouw- en voedseldialogen in de Rode Hoed, waar zeker 30 boeren, vooral melkveehouders, op af waren gekomen.

Landschapsarchitect Dirks Sijmons opende de avond met een aantal verbijsterende getallen. Zo liet hij zien dat in gewicht/massa gesproken inmiddels 95% van alle landzoogdieren op aarde bestaat uit mensen en landbouwhuisdieren. Dus nog maar 5% van het totale gewicht komt voor rekening van wilde dieren. Ook wordt van alle natuurlijke ‘productie’ inmiddels 25% gebruikt voor menselijke consumptie. Sijmons voorziet een enorme clash tussen de behoefte aan biomassa voor energie en landgebruik voor voedselproductie. Ook rekende hij voor dat de opbrengst van een hectare zonnepanelen (zo’n €22.000) die van een hectare aardappelen in sommige regio’s (ongeveer €9.000) verre overstijgt. Om te voorkomen dat het uitloopt op grote winst van het beperkte aantal ‘bingo-boeren’ die in de buurt van schakelstations wonen, zou er per gebied gekeken moeten worden hoe je zorgt voor een evenwichtige transitie die ten goede komt aan brede maatschappelijke doelen en een evenwichtig verdienmodel voor grote groepen boeren en burgers.

Sijmons maakte deel uit van de klimaattafels en gaf aan dat we tot 2030 onze Parijs doelstellingen voor de landbouw kunnen halen met inzet van alle technologische middelen die we tot onze beschikking hebben, maar dan is de rek er wel uit. Dan is de ‘olifant in de kamer’ toch vooral onze grote veestapel. Hij adviseerde technologie als een soort ‘remweg’ in te zetten die je tijd geeft voor allerlei experimenten met andere gewassen en omgang met bodems, want na 2030 ontkomen we niet aan radicaal ander landgebruik. Zo niet, dan gaat de landbouw alleen al vanaf 2050 8 of 9 van de 10 megaton broeikasgas produceren die we in totaal tegen die tijd nog mogen uitstoten. Melkveehouders die stelden dat zij qua uitstoot gemiddeld efficiënter produceren dan collega’s uit het buitenland werden door Sijmons in het ongelijk gesteld. “Je concurreert niet met de gemiddelde boeren uit andere landen, maar altijd met de besten.”

Gilles Erkens van Deltares is “mister bodemdaling”. Hij noemde zichzelf grappend een ‘zakspecialist’ en zette de bodemdaling in een duizendjarig perspectief. Onze kaas en ons weidelandschap zijn het gevolg van bodemdaling in de Middeleeuwen toen het in de veenweiden natter werd en boeren daarom overschakelden van akkerbouw  op grasland met vee. Om de vele melk uit de veehouderij te kunnen conserveren gingen we kaas maken. Erkens noemde vergaren en delen van kennis cruciaal om tegenstellingen te overbruggen en tot nieuwe verdienmodellen te komen. Door de opwarming van het klimaat wordt de omzettingssnelheid in de bodem hoger en daalt de bodem nog sneller. We zullen zowel bodemdaling moeten aanpakken (die is in veel gebieden in de wereld een veel grotere factor dan de zeespiegelstijging) als de uitstoot uit veengebieden verminderen. Daarvoor moeten we volgens Erkens verschillende opties open houden; van moerasvorming tot onderwaterdrainage en “natte teelten” zoals lisdodde.

Wethouder Hilde Niezen uit Gouda noemt Nederland wereldkampioen dweilen met de kraan open. Ze ondervindt dat in haar eigen stad, waar verzakking van huizen en straten aan de orde van de dag is. Dat zorgt voor enorme kosten. Oorzaak is het aloude poldermodel. Niezen toont een beeld waar minister Schouten op een polder op 6,76 meter onder zeeniveau met betrokkenen praat over oplossingen. Volgens Niezen is bodemdaling ten onrechte nooit beleidsmatig een thema geweest waar vanuit overheid, provincies en gemeenten samen optrekken. Nu de bodem in grote delen van Nederland blijft dalen, is de tijd rijp voor een minister voor bodemdaling. Volgens haar is er nu wel echt de wil om samen te werken en te veranderen.

Biologisch melkveehouder Sjaak Hoogendoorn (55 koeien) uit Ilpendam mocht afsluiten. Hij opperde een nieuw TV-programma ‘Heel Holland Zakt’ en sprak over interessante experimenten met lisdodde (te verwerken tot goed isolerende bouwmaterialen) en Azolla, een waterplantje dat stikstof uit de lucht haalt en hoogwaardige eiwitten maakt. Tegelijk gaf hij aan dat dit soort nieuwe producten tijd nodig hebben en we niet te snel afstand moeten nemen van het prachtige Hollandse veenweidengebied met koeien in de wei. Er zijn al boeren met trekkers naar het provinciehuis in Haarlem gereden. Hoogendoorn vindt wel dat de boeren open moeten staan om ook te praten over verkleining van de veestapel, al zou dat volgens hem geen doel op zichzelf moeten zijn. Hij ontving hiervoor applaus uit de zaal.

Voor meer informatie:

www.ecominds.nl


Publicatiedatum :


print   

Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BioJournaal.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven