Geconfronteerd met vernatting moet de melkveehouder keuzes maken en eventueel de bedrijfsvoering aanpassen. Hierbij is de inzet van het type melkkoe van groot belang. Zowel het hf-ras als de blaarkop heeft voor- en nadelen. Doel van de business case is om veehouders een handvat te bieden om keuzes te maken, als zij daadwerkelijk met vernatting worden geconfronteerd.
Doel en afbakening
De business case geeft de melkveehouder inzicht in de mogelijke gevolgen van vernatting op zijn financiële resultaat. Aan de hand van een voorbeeldbedrijf met hf-koeien is getracht een zo nauwkeurig mogelijke inschatting te maken van de te verwachten opbrengsten en kosten wanneer omgeschakeld wordt naar blaarkoppen. De case is expliciet toegeschreven naar een situatie op veengrond. In het geval van klei- of zandgrond zijn de conclusies mogelijk anders; daar worden in een aantal gevallen (voer, mest, loonwerk) namelijk andere parameters gehanteerd. In de case wordt niet ingegaan op de overgangsperiode die aan de orde is bij omschakeling (periode tussen omschakeling van volledig hf naar volledig blaarkoppen) omdat de resultaten van een bedrijf op een bepaald moment beschreven worden. De omschakeling naar een blaarkopbedrijf vergt een aantal jaren omdat de veestapel in zijn geheel vervangen moet worden.Conclusies
- Zonder vernatting, natuur- en of landschapsbeheer lijkt het mogelijk om met blaarkoppen hetzelfde inkomen te genereren als met hf-melkkoeien. Ondanks de onzekerheid in opbrengsten- en kostenposten ligt het inkomen op het voorbeeldbedrijf in de huidige en toekomstige situatie zonder vernatting in principe dicht bij elkaar.
- Door vernatting, natuur- en/of landschapsbeheer kunnen de inkomsten op het voorbeeldbedrijf worden verhoogd met subsidies/beheervergoedingen. Deze extra subsidies komen bovenop de inkomenstoeslagen vanuit het EU-beleid. Om deze gelden te krijgen moet een bedrijf voldoen aan de gestelde beheerdoelen voor de betrokken beheertypen. Met andere woorden; de natuurdoelen moeten wel gehaald worden.
- Door gebruik te maken van verschillende beheersubsidies wordt het bedrijf afhankelijker van deze opbrengsten. Er kan niet zonder meer van worden uitgegaan dat de subsidiebedragen voor verschillende ‘groene’ diensten in de toekomst gelijk blijven. Daarnaast kan de hervorming van het landbouwbeleid na 2013 zorgen voor extra bedrijfstoeslagen, wanneer deze in de nieuwe situatie meer afhangen van 'groen/blauwe' diensten.
- Omschakeling van hf- naar blaarkoppen betekent een grote verandering voor een boerenbedrijf Iedere bedrijfssituatie is verschillend. Daarom is het voor veehouders die overwegen met blaarkoppen aan de slag te gaan aan te bevelen om in overleg met adviseurs (en mogelijk ook overheden en natuurverenigingen) een zorgvuldig omschakelingsplan op te stellen. Hierin kunnen alle bedrijfs- en locatiespecifieke risico's en onzekerheden worden opgenomen voor een op maat gemaakte business case.
Klik hier voor de volledige business case.
Bron: LEI Wageningen UR