Biologische voederbieten in opmars

Voederbieten zijn in opmars, ook bij de biologische telers. Ze passen goed in een grasrijk rantsoen; ze verhogen de voeropname en geven hogere gehalten in de melk. 

Voederbieten worden afhankelijk van het drogestofgehalte verdeeld in groepen. "Het drogestofgehalte bepaalt in grote mate hoe de veehouder het ras kan voeren", zegt Chris Timmermans, verantwoordelijk voor inkopen van zaaizaden bij  Agrifirm. "Rassen met een hoog drogestofgehalte bevatten veel suikers. Daarom kunnen deze rassen alleen na inkuilen zonder risico worden vervoederd. Rassen met een gemiddeld drogestofgehalte kunnen ook zonder risico vers worden vervoederd. Rassen met een laag drogestofgehalte zijn voornamelijk voor hobbytelers omdat ze ongeschikt zijn voor mechanisch rooien."
 
In de groep met hoog drogestofgehalte heeft Agrifirm het ras Godiva in het assortiment. Het ras geeft de hoogste voederwaarde per hectare en is tolerant voor zowel de bodemschimmel rhizoctonia als het virus rhizomanie. "Helaas is dit al uitverkocht", zegt Timmermans. "Maar het ras Brunium, met een gemiddeld drogestofgehalte, is een prima alternatief. De opbrengst, zowel in tonnen drogestof per hectare als in tonnen kVEM per hectare, ligt bij dit maar net onder die van Godiva."

Vroeg en rhizoctonia-tolerant
Brunium is een ras met een zeer vroege grondbedekking. Dat is gunstig voor de onkruidonderdrukking. Op kleigrond is het zelfs het vroegste ras. De bietopbrengst is hoog. Bovendien is het ras rhizoctonia-tolerant, een belangrijke eigenschap op vooral lichtere gronden.

Van voederbieten is geen biologisch zaaizaad beschikbaar. Er wordt ontheffing verleend voor het gebruik van gangbaar, niet-ontsmet zaaizaad.

Voor meer informatie: www.agrifirm.nl


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven