Dries Delanote, Mille Couleurs:

“Keuterboeren wordt hip in Vlaanderen”

Tholen – Vlaamse krant De Tijd noemde hem al de Che Guevara van de landbouw. Een omschrijving die de lading zeker dekt. Teler Dries Delanote pakt de zaken graag net even wat anders aan. De 'wild farmer' in hart en nieren pleit voor een teelt waarin de natuur vrij spel krijgt. "Een kwestie van aanvaarden dat we geen alleenheerser zijn op deze wereld", noemt hij dat. 



Op een areaal van zeven hectare teelt Dries een verscheidenheid aan gewassen. En dat mag gerust een understatement genoemd worden. Het bedrijf doet haar naam eer aan: het perceel van Mille Couleurs telt meer dan duizend variëteiten. Een kleine greep uit zijn assortiment: prei, ajuin, uien, klassieke spruitkool, tomaat, witlof, sla en (winter)bloemkool. Ook het aanbod kruiden en eetbare bloemen tiert welig met onder meer muurkruid, kamille en herderstasje. "Tussen het standaardaanbod teel ik net zo graag variëteiten die in de vergetelheid zijn geraakt of die naar de hedendaagse standaarden als onkruid worden aangemerkt", merkt Dries op.

Los van structuren

Zijn werkwijze is opmerkelijk, gezien zijn achtergrond in de industriële teelt. Volgens Dries is het in de wereld van overproductie en hongersnoden verhelderend om puur en alleen de regels van de natuur te volgen. "Ik – en met mij het hele team – geloof in een teeltvorm waarbij gewassen op natuurlijke wijze opgaan in de leefomgeving van de moderne mens. Niet dat geforceerde, wat je nu vaak ziet. Door ons rechtstreekse contact met onze afnemers kunnen wij loskomen van de structuren van lasten- en klassenboeken en de normen denormaliseren. Ik kom uit de wereld van het optisch sorteren om één maat in het schap te krijgen. Daar is dat volslagen anders."

Teelt is topsport

Dries benadert zijn concullega's uit de intensieve teelt geenszins met een wijzende vinger. "In de teelt ontkom je niet aan een zekere vorm van management. Het is topsport. Maar wij voorstaan een zo sober mogelijke invulling daarvan. We programmeren niets van tevoren. We stemmen af naar gelang de klantbehoeften." Toch laat Dries niet alles aan het toeval over. Hij werkt bijvoorbeeld met strokenteelt: zo bewaart Dries het overzicht. Een vastomlijnd teeltplan voor de komende periode heeft hij echter bewust niet. "Ons areaal groeit elk jaar weer een beetje. De kern is volledig biologisch, de periferie is in de omschakeling. Het is de kunst om te blijven uitbreiden met een deel biologisch en (nog) niet-biologisch. Het natuurlijk verloop doet de rest."

"Geen alleenheerser willen zijn"

Omdat Dries zich vooral met eenjarigen bezighoudt, kan hij zijn perceel niet omvormen tot een voedselbos. Wel toont hij zich groot voorstander van het principe daarachter. "Een voedselbos is het summum. Als je in het sub-Sahara-gebied een teeltvorm oplegt met machines, dan kom je weinig verder. Plant je struiken of cactussen die in het geheel passen, dan zie je dat daar zomaar een biotoop ontstaat. Zo werkt een voedselbos. Het staat voor leven. Dat inspireert ons. Vind je een gaatje in de sla? Dan kun je de sla afschrijven of simpelweg aanvaarden dat een insect je voor is geweest. Als mens moet je geen alleenheerser willen zijn."

Zijn manier van werken vergelijkt Dries met een gokspel. "Je kunt heel moeilijk inschatten wat de opbrengsten zijn en hoe de teelten zich tot elkaar verhouden, maar daar werken we als team ook niet naartoe. We werken samen met de planten. Ja, dan krijg je misschien 'maar' 5 kilogram tomaten per plant in plaats van 70 kilogram of meer. En toegegeven: een tomaat op water en substraat ziet er mooi uit en heeft een goede bewaring, maar evenaart nooit de smaak van een tomaat die je op zijn beloop laat. Die is tienmaal zo intens." Zijn vaste partners, hoofdzakelijk restaurants, delen zijn filosofie.

Hard werken

"Ik voel me soms een dief van mijn eigen portemonnee", verzucht Dries. "Niet om mijn werkwijze. Integendeel, want je verzet bergen aan werk, maar meer vanwege de prijs die we voor onze producten ontvangen. Die zou – als je logisch nadenkt – eigenlijk veel hoger mogen uitvallen. Zeker als je ziet wat er aan de teelt vooraf gaat. Wij komen niet aan de 10 ton wortelen per uur die je voor een euro de kilo bij het grootwarenhuis ziet liggen. We ploeteren wat af met de kruiwagen om de wortelen uit de grond te steken. Maar daar kiezen we zelf bewust voor. De hamvraag voor ons: welk nalatenschap willen we onze kinderen meegeven?"

Voor Dries is het een opsteker dat er zelfs uit China interesse is voor zijn werkwijze. "Je voelt dat het menseigen is om een stap terug te zetten, om je heen te kijken en open te staan voor wat de natuur te bieden heeft."



Voor meer informatie:
hello@millecouleurs.be
www.millecouleurs.be

Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven