ILVO doet onderzoek naar co-existentie

GGO-aardappelen kunnen naast biologische aardappelen geteeld worden

Bij de voorstelling van het eindrapport van de veldproef met GGO-aardappelen die resistent zijn tegen Phytophthora infestans donderdag 27 april jongstleden werd ook toelichting gegeven bij het onderzoek dat door het ILVO werd uitgevoerd naar de haalbaarheid van de co-existentie maatregelen voor aardappelen die door de Vlaamse regering werden uitgevaardigd.

Die co-existentieregels hebben tot doel het naast elkaar telen van GGO-aardappelen, conventionele aardappelen en biologische aardappelen te regelen. Omdat men de vrije keuze van zowel producenten als consumenten wil respecteren moet men in dat geval kunnen garanderen dat wanneer iemand biologische of conventionele aardappelen wil telen en zijn product ook als dusdanig op de markt wil brengen, die aardappelen niet 'gecontamineerd' worden door GGO-aardappelen die zich in de buurt zouden bevinden. Dit zou voor die betrokken producenten tot waardevermindering of zelfs tot onverkoopbaarheid kunnen leiden. Europese regels leggen immers op dat niet GGO-oogsten voor 99,1% zuiver moeten zijn, of met andere woorden dat een eventuele vermenging met naburige GGO-gewassen niet de drempel van 0,9% mag overschrijden. Gebeurt dat wel dat moet dat op het etiket vermeld worden.



De Europese regelgeving met betrekking tot co-existentie werd in Vlaanderen omgezet in Besluiten van de Vlaamse Regering (BVR's). Ze verschillen van teelt tot teelt omdat de kenmerken van de plant en de behandeling ook van teelt tot teelt verschillen. Voor aardappelen dateert het co-existentiebesluit van november 2011.

"Zijn de bepalingen van dit besluit haalbaar voor landbouwers en loonwerkers en kunnen de co-existentiedoelstellingen gerealiseerd worden, met andere woorden blijft de vermenging onder de 0,9% drempel Dat waren de vragen die het ILVO zich stelde en waarvoor een kritische doorlichting van het besluit werd gedaan", zo legt Bart van Droogenbroeck, onderzoeker aan het ILVO, uit.

"Alle theoretische mogelijkheden van vermenging werden daarbij onderzocht: vermenging via pollen, vermenging via knollen, vermenging via machines bij planten of oogsten en vermenging via andere handelingen (onder meer tarra). En de conclusie luidt dat mits toepassen van de maatregelen die in het co-existentiebesluit zijn voorzien (onder meer afstandsregels, meldingen, ...) en van goede landbouwpraktijken die nu reeds gangbaar zijn (vruchtafwisseling, reiniging van de machines, bestrijding van opslag in de volgteelten, het terugbrengen van de tarra bij inschuren of uitschuren naar het perceel waar ze afkomstig van is) er geen risico op vermenging bestaat", aldus Bart van Droogenbroeck.

Specifiek naar de imkers toe werd door het ILVO nog bijkomend onderzoek verricht waaruit kan geconcludeerd worden dat bijen niet vliegen op aardappelen en er dus geen risico is op eventuele contaminatie van de honing of pollen door GGO-aardappelen. "De Vlaamse aardappeltelers zijn dus klaar om, mochten er GGO-aardappelen toegelaten worden, deze te telen zonder problemen van vermenging en zonder risico's voor de imkers", zo besluit onderzoeker Bart van Droogenbroeck.

Klik hier voor het volledige eindrapport.

Bron: Landbouwleven.be

Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven