Het Europees Parlement buigt zich over een voorstel van de Europese Commissie om enkele regels voor biologische productie te herzien en te vereenvoudigen. Het gaat om aanpassingen aan Regulation (EU) 2018/848, die sinds 2022 de productie, verwerking en etikettering van biologische producten in de EU regelt.
© Luca647 | Dreamstime
De wijzigingen volgen op een uitspraak van het Europees Hof van Justitie uit oktober 2024 in de zaak Herbaria Kräuterparadies II. Daarin werd bepaald dat geïmporteerde producten uit landen met gelijkwaardige biologische regels het EU-biologisch logo niet mogen dragen, tenzij zij voldoen aan extra EU-voorwaarden. De Commissie stelt nu voor dat het logo alleen gebruikt mag worden wanneer de importproducten aan die aanvullende eisen voldoen. Ook zouden verwerkte producten met minder dan 5% geïmporteerde ingrediënten uit zulke landen het logo mogen voeren.
Minder administratieve lasten
Daarnaast worden andere aanpassingen voorgesteld om administratieve lasten te verminderen. Zo mogen biologische producenten voortaan geschikte schoonmaak- en desinfectiemiddelen gebruiken die al op de markt zijn, zonder EU‑goedkeuring en lijstvermelding. Ook wordt de vrijstelling van certificatie voor kleine verkopers van onverpakte biologische producten uitgebreid. Het maximumverkoopvolume gaat van 5.000 naar 10.000 kilogram per jaar, en de omzetgrens wordt afgeschaft.
De regels voor groepen van producenten worden versoepeld: de eisen voor omzet en juridische persoonlijkheid worden minder streng, en de maximale boerderijomvang wordt verhoogd. Ook wordt de erkenning van elf derde landen als gelijkwaardig in de biologische regelgeving verlengd tot 2036, om handelsverstoringen te voorkomen.
Verder bevat het voorstel wijzigingen in de veehouderij. Voor kwartels wordt een specifieke conversieperiode van vijf weken en een minimumslachtleeftijd van 42 dagen ingesteld. De wachttijd na behandeling met veterinaire medicijnen wordt aangepast, zodat producten met een 'nul-dagen'-wachttijd direct als biologisch verkocht mogen worden. Voor pluimvee worden de regels voor buitenuitloop beperkt tot vogels met voldoende verenkleed, en het maximale oppervlak van stallen per eenheid wordt per stal, in plaats van per productieniveau, berekend.
IFOAM Organics Europe blij met aanpassingen
Diverse organisaties reageren uiteenlopend op het voorstel. IFOAM Organics Europe juicht de aanpassingen toe en waarschuwt dat het niet uitstellen van de deadline in 2026 "handelsverstoring en juridische onzekerheid" zou veroorzaken. OPTA Europe vindt dat het voorstel te complex is en de handelsrelaties met derde landen kan schaden. CELCAA noemt de 5%-regel voor het EU-logo problematisch voor verwerkers en waarschuwt dat dit bestaande overeenkomsten kan ondermijnen.
De Europese Vereniging van Veeartsen (FVE) en AnimalhealthEurope ondersteunen de aanpassing van de wachttijdregel, omdat de oude regel de verkoop van biologische eieren en melk zou verhinderen. "De verplichte 48-uurs wachttijd zou hebben geleid tot financiële verliezen en onnodige voedselverspilling," stelt de FVE.
Besparing van jaarlijks 136 miljoen euro
De Commissie baseerde het voorstel op overleg met belanghebbenden en 720 bijdragen van burgers en bedrijven, maar voerde geen formele impactbeoordeling uit. De voorgestelde wijzigingen zouden bedrijven een eenmalige besparing van 109 miljoen euro opleveren en jaarlijks 136 miljoen euro aan terugkerende kosten besparen, aldus de Commissie.
De Europese parlementariërs zullen het voorstel de komende maanden verder bespreken en eventuele wijzigingen doorvoeren voordat het definitief wordt vastgesteld.
Bron: Europees Parlement