Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven
App icon
FreshPublishers
Openen in de app
OPENEN
DLV Advies:

Omschakelen naar biologisch: dit is waar je als melkveehouder op moet letten

Steeds meer melkveehouders bekijken opnieuw of een biologische bedrijfsvoering past bij hun bedrijf. Dat stelt agrarisch adviesbureau DLV Advies. Prijsontwikkelingen, regelgeving en de zoektocht naar een toekomstbestendig bedrijf brengen deze vraag steeds vaker naar voren.

© Ahavelaar | Dreamstime

DLV Advies volgt al enkele jaren de technische en economische cijfers van ongeveer dertig biologische melkveebedrijven via de Melkveemanager. Die cijfers geven inzicht in de prestaties van biologische bedrijven en laten zien hoe ze zich verhouden tot gangbare melkveehouderij.

Lagere productie per hectare en per koe
Uit de gegevens blijkt dat biologische melkveebedrijven gemiddeld extensiever zijn dan gangbare bedrijven. De melkproductie per hectare ligt rond de 10.000 tot 12.000 kg, tegenover 20.000 tot 22.000 kg bij gangbare bedrijven. Ook de melkproductie per koe ligt gemiddeld circa 2.000 kg lager per jaar.

"Dat is niet vreemd," zegt DLV Advies. "In de biologische melkveehouderij worden geen kunstmest en chemische gewasbeschermingsmiddelen gebruikt en ligt de nadruk meer op een evenwicht tussen bodem, gewas en vee. Daar hoort vaak een lagere intensiteit bij."

Verschillende bedrijfsmodellen mogelijk
Biologisch is geen vast stramien. Binnen de groep bedrijven zijn grote verschillen zichtbaar. De invulling van een biologisch melkveebedrijf hangt sterk samen met grondpositie, regio en keuzes van de ondernemer.

Extensieve bedrijven hebben vaak een lage veebezetting en een groot aandeel natuurgrond, met name in veenweidegebieden. Intensievere biologische bedrijven kopen soms extra biologisch voer en zetten mest af naar biologische akkerbouw, vooral in regio's met een sterke biologische akkerbouwsector zoals Flevoland en West-Brabant.

Oriëntatie begint bij de ondernemer
Voor melkveehouders die nadenken over omschakeling is een goede voorbereiding essentieel. "Een omschakeling naar biologisch maak je niet voor de korte termijn. Het traject naar een volledig biologisch bedrijf duurt al snel vijf jaar. Dat vraagt om een duidelijke visie en motivatie," stelt DLV Advies.

Ondernemers die bewust kiezen voor een andere manier van werken, met meer aandacht voor bodem, natuur en kringlopen, halen daar vaak ook voldoening uit. Die intrinsieke motivatie is volgens DLV Advies cruciaal voor een succesvolle omschakeling.

Ecologisch én economisch perspectief
Biologische melkveehouderij wordt vaak bekeken vanuit duurzaamheid, maar ook het economische aspect is belangrijk. De lagere productie kan soms worden gecompenseerd door een andere kostenstructuur en een hogere melkprijs. Of dit voor een individueel bedrijf geldt, hangt af van factoren zoals grond, bedrijfsopzet en persoonlijke doelen.

DLV Advies noemt acht veelvoorkomende valkuilen: te laat afzet regelen, de omschakelperiode onderschatten, onvoldoende grondpositie, te weinig focus op ruwvoerkwaliteit, denken dat biologisch alleen een 'rekenexercitie' is, te snel willen omschakelen, onvoldoende kennis en begeleiding, en bedrijfsvoering niet aanpassen.

Bron: DLV Advies

Publicatiedatum:

Gerelateerde artikelen → Zie meer