Het Centrum voor Duurzame Landbouw Transitie (CDLT) van Campus Fryslân begeleidt via het programma ReGeNL duizend boeren bij de overstap naar een duurzamer bedrijfsmodel. Het doel is dat zij gezond kunnen ondernemen, rekening houden met bodem en biodiversiteit, en tegelijkertijd een goede boterham verdienen. Voor de boer betekent dit een transitie naar regeneratieve landbouw.
© Irinayeryomina | Dreamstime
"Met het programma ReGeNL dat we hebben geschreven begeleiden we boeren naar een duurzamer regeneratief model," zegt hoogleraar en directeur Gjalt de Jong van CDLT. "Door met boeren aan tafel te gaan zitten, horen we waar zij behoefte aan hebben en kunnen we boeren met wetenschappelijke methoden op een praktische manier begeleiden. Wetenschap en praktijk komen dus mooi samen."
Persoonlijke begeleider
Zo'n 170 boeren zijn inmiddels gestart met het programma. Dit jaar worden nog eens 300 bedrijven gevolgd, terwijl ruim 150 andere boeren interesse hebben getoond om mee te doen. De deelnemers krijgen een persoonlijke begeleider die samen met hen alle bedrijfsprocessen doorloopt, van ecologische processen en bedrijfsvoering tot sociaal-culturele en economische aspecten. Gezamenlijk wordt bekeken welke veranderingen binnen het bedrijf worden doorgevoerd.
Programma ReGeNL werkt met clusters van bedrijven in hetzelfde gebied, zodat boeren kennis kunnen uitwisselen en elkaar kunnen ondersteunen. Deelnemers blijven vier jaar actief in het programma. "Vanuit de leervragen van de boeren wordt gekeken hoe kennis en onderzoek vanuit het CDLT na die vier jaar blijvende impact kan realiseren voor de boeren en de agrofoodsector," licht programmamanager Ingrid van Huizen toe.
Wetenschappelijke onderbouwing
Onderzoekers van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) dragen zorg voor de wetenschappelijke onderbouwing. "Op dit moment zijn er vijf PhD's en een postdoc aangesteld die in de praktijk bij de boeren op het erf onderzoek doen," vertelt De Jong. "Die onderzoeken gaan onder andere over analyses van duurzame businessmodellen, het opzetten van een brede kennisinfrastructuur over regeneratief boeren en over historische landschapselementen die ecologische kansen bieden."
Alle aspecten van het boerenbedrijf worden onderzocht, van gewaskeuze en groenbemesting tot het terugdringen van pesticidengebruik, waarbij zowel ecologische als economische effecten worden meegenomen. Ook sociaal-culturele uitdagingen binnen families worden meegenomen, zoals verschillen in opvattingen tussen generaties over traditionele of duurzame landbouwmethoden.
Nieuwe vorm van wetenschap
Volgens De Jong en Van Huizen maakt CDLT met dit programma een nieuwe vorm van wetenschap mogelijk: interdisciplinair en transdisciplinair samenwerken aan een grote maatschappelijke uitdaging, direct in de praktijk. "Wat wij hier doen is uniek," zegt De Jong. "Het is in academische zin interdisciplinair en transdisciplinair samenwerken aan een grote maatschappelijke uitdaging. Direct in de praktijk, waarbij wetenschap ondersteunend is aan het transitieproces. Daarmee lopen we binnen de universiteit, en misschien wel Nederland, voorop."
Het programma ReGeNL biedt daarmee boeren, onderzoekers en de samenleving een concreet perspectief om de landbouw in Noord-Nederland duurzamer te maken.