Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) heeft het besluit van de minister van Landbouw om geen actie te ondernemen tegen een varkensvervoerder en een verzamelplaats vernietigd. Volgens het College was het besluit slecht voorbereid en onvoldoende onderbouwd. Voor handhaving of een boete is het echter al te laat, dus de betrokkenen hoeven geen nieuwe beslissing te verwachten.
© Andrey Popov | Dreamstime
Het gaat om videobeelden die op 8 maart 2021 zijn gemaakt. Daarop zijn twee varkens te zien met ernstige verwondingen: "een grote open wond over haar rug" en "een grote wond in de liesstreek". Stichting Eyes on Animals vroeg de minister om handhavend op te treden tegen de verzamelplaats, de varkenshouder en de vervoerder.
De minister wees het verzoek in oktober 2021 af en verklaarde het bezwaar daartegen in maart 2023 ongegrond. Volgens de minister was niet duidelijk genoeg dat de beelden afkomstig waren van het transport van die dag en wie verantwoordelijk was voor de verwondingen. Ook wees de minister op een verklaring van een NVWA-dierenarts dat de dieren geschikt waren voor transport.
Te weinig onderzoek
Het CBb vindt echter dat de minister te weinig onderzoek heeft gedaan. De beelden hadden beoordeeld moeten worden door een deskundige dierenarts. Het was volgens het CBb namelijk niet uit te sluiten dat: "Een beoordeling door een ter zake deskundige dierenarts mogelijk inzicht had kunnen verschaffen in waar, wanneer en hoe de verwondingen zijn veroorzaakt." Ook had de minister de betrokken partijen de beelden moeten laten zien en hun reacties moeten meenemen in het besluit.
Het College oordeelt dat het besluit daarom onvoldoende zorgvuldig en slecht onderbouwd was. Het beroep van Eyes on Animals is gegrond en het besluit is vernietigd.
Geen boete
Omdat er ondertussen zoveel tijd is verstreken sinds maart 2021, kan er geen boete meer worden opgelegd. De rechtsgevolgen van het oorspronkelijke besluit blijven dus staan. Wel moet de minister de gemaakte kosten vergoeden: het griffierecht van €184 en €1.868 aan proceskosten.
Bron: College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb)