Abonneren

Vacatures

Top 5 - gisteren

Top 5 - afgelopen week

Top 5 - afgelopen maand

Werkbezoek LNV aan biologisch akkerbouwbedrijf

Stimuleringsbeleid voor biologisch moet liggen op het vergroten van de vraag, aanbod volgt dan vanzelf in de akkerbouw

De Europese Commissie heeft grote ambities gesteld voor de biologische sector. Het streven is 25% biologisch areaal in 2030. De EU heeft ieder land opdracht gegeven een plan te schrijven hoe de nationale agrarische sector daar aan gaat bijdragen. Het ministerie van LNV is in Nederland verantwoordelijk voor het opstellen van dit nationale actieplan. Om voor het opstellen van dit plan goed op de hoogte te zijn van wat er speelt in de praktijk, bezoeken medewerkers van LNV een biologisch bedrijf in iedere sector. Bionext organiseerde het werkbezoek naar een biologisch akkerbouw en een fruitteelt bedrijf in Zeeland op 31 maart. Dat het onderwerp biologisch leeft vanuit LNV blijkt uit de vijftallige aanwezigheid vanuit het ministerie en de vele vragen die gesteld werden.

De uitdagingen van een omschakelaar
Het werkbezoek begon bij akkerbouwer Coen Jasperse. Naast Coen zelf, zijn ook Annewillem Maris en Dick Harinck vanuit de vereniging Biologische Boeren Zuidwest aangeschoven en vanuit de handelspartij Bio Bèta was Gerard de Pee aanwezig. Op Coens bedrijf van 80 hectare in Wolphaartsdijk verbouwt hij onder andere rode bieten, uien, aardappelen, en grasklaver. Coen is nog gedeeltelijk in omschakeling naar biologisch en inmiddels voor 75% volledig omgeschakeld. Als reden voor omschakeling gaf hij aan dat hij hier meer uitdaging en kansen zag voor ondernemerschap. Toen hij begon met omschakeling leek biologisch een vraagmarkt te zijn. Echter is er in de omschakeljaren veel veranderd aan de marktkant en ondervindt hij veel moeilijkheden bij de afzet van zijn biologische producten. In de ons omringende landen is de productie van biologisch gestimuleerd door het verstrekken van omschakelsubsidies. De export van biologische akkerbouwproducten naar landen als Duitsland en Frankrijk heeft hier sterk onder geleden. Een omschakelaar moet compleet nieuwe contacten vinden voor zijn afzet en moet zijn imago als toeleverancier nog ‘waarmaken’.

Investeren in watervoorziening
Na het voorstelrondje en een Zeeuwse bolus in de kantine maken de aanwezigen een rondje over het bedrijf. Het gure weer beperkt het rondje tot het erf. De grond van Coen ligt rond een oude kreek en heeft daardoor last van zoute kwel. Door de hogere investeringen in biologische teelten (arbeid, zaaigoed, etc.) is de noodzaak voor toegang tot zoet water stukken pregnanter geworden. Daarnaast biedt de hogere prijs van biologische producten de mogelijkheid tot het doen van investeringen. Coen heeft hiervoor geïnvesteerd in een waterbassin en een druppelirrigatiesysteem. Coen: "Met dit systeem heb je 75% minder water nodig vergeleken met normale beregening. De druppelslangen worden op 8 cm diepte gelegd waardoor er overheen geschoffeld kan worden." Hiernaast werkt het bedrijf van Jasperse met niet-kerende grondbewerking (NKG) en met vaste rijpaden in de teelt voor een optimale bodemconditie.

Onkruidbestrijding
De schuur is gevuld met een groot aantal machines voor mechanische onkruidbestrijding. De noodzaak van deze grote investeringen wordt al snel duidelijk. Coen: "Je hebt soms maar een paar dagen in het jaar dat je het onkruid goed aan kunt pakken. Dan moet je voldoende capaciteit hebben om in die korte tijd het werk te kunnen doen."

Ziekte- plaagbeheersing en onkruidbestrijding zijn belangrijke kennisthema’s voor de akkerbouwers. Deze kennisleemtes worden verzameld in de onderzoeks-agenda biologische akkerbouw die Bionext in opdracht van de ketengroep akkerbouw bijhoudt. Er is bijna geen specifiek biologisch onderzoek meer in Nederland, om de koploperspositie van de biologische akkerbouw te bestendigen is er meer geld nodig voor onderzoek nodig. 

Van vraagmarkt naar aanbodmarkt
Terug aan de kantinetafel spreken we verder over handel en de markt. De ervaren bio-telers geven aan dat de biologische keten zich altijd kenmerkte door een wederzijds respect. Annewillem Maris: "Je gunt elkaar wat." Gerard de Pee: "Als de sector groeit is het wel belangrijk dat de menselijkheid bewaakt wordt, dat je elkaar nog kent."

De omschakelaars Dick Harinck en Coen Jasperse merken daar minder van, Gerard: "De afgelopen jaren is bio van een vraagmarkt veranderd in een aanbodmarkt; dit zet de verhoudingen en prijzen onder druk." Allen zijn het eens dat de focus van eventueel stimuleringsbeleid voor biologisch moet liggen op het vergroten van de vraag, aanbod volgt dan in het geval van akkerbouw vanzelf. Teelt-technisch gezien is biologische akkerbouw goed te doen.

Steun uit publieke middelen
Investeringsregelingen vanuit de overheid zijn niet altijd goed ingericht. Coen Jasperse: "Bij de inrichting van het Economisch Herstelfonds zijn veel fouten gemaakt; dat ontmoedigt mensen." In plaats van het stimuleren/financieren van omschakelaars kan er wel worden geïnvesteerd in de kennis en samenwerkingsstructuur van de biologische sector. Jan de Koeijer: "De bio-sector is klein en de hoeveelheid maatschappelijke vraagstukken waarvoor de biologische sector een antwoord heeft is groot. Deze structuur van boerenverenigingen en ketenorganisaties, nu gedragen door een kleine groep ondernemers, kan publieke middelen goed gebruiken om zo de broodnodige landbouwtransitie te kunnen blijven ondersteunen."

Coen voegt daar nog een suggestie aan toe: "Is het mogelijk dat het verdere beleid “getoetst” zou kunnen worden door een doortastende groep mensen uit de praktijk? Want echt afzet bevorderen/stimuleren, is ook voor beleidsmakers geen gemakkelijke opgave." Biologische akkerbouwers denken in ieder geval graag mee.

Voor meer informatie:
Niels Heining
Bionext
heining@bionext.nl
www.bionext.nl  


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven