Mededelingen

Vacaturesmeer »

Laatste reactiesmeer »

Top-5 gisteren

  • Er is gisteren geen nieuws gepubliceerd.

Top-5 afgelopen week

Top-5 afgelopen maand

Overig nieuwsmeer »

Koerslijstmeer »




Keuze wintergroenbemester bepaalt opbrengst zomergewas

Groenbemesters leveren een positieve bijdrage aan de bodemvruchtbaarheid. Met een juiste soortkeuze voor mengsels van winterse groenbemesters kan die waarde nog verder oplopen. Onderzoekers van Wageningen University & Research tonen in hun publicatie in Journal of Applied Ecology van 2 juni aan dat zo de productiviteit van het volgende hoofdgewas is te sturen. Biomassa en stikstofgehalte zijn daarbij de sleutelwoorden.

Met hun publicatie onderschrijven de onderzoekers de adviezen van FAO en Nederlandse overheid om wintergroenbemesters op te nemen in gewasrotaties en bieden bovendien perspectieven voor het ontwikkelen van goede groenbemestermengsels. Hun wetenschappelijke conclusie: kies voor productieve mengsels met een hoog stikstofgehalte, en vermijd de opeenvolging van verwante gewassen.

De erfenis van planten op akkers of in de natuur bestaat enerzijds uit de voedingsstoffen die vrijkomen uit afbrekende plantenresten, en anderzijds uit de aanwezigheid van bodemorganismen die tijdens het leven van de vorige plant opgebouwd zijn. Beide feedbackmechanismen kunnen de groei van een volgende generatie planten beÔnvloeden en worden gestuurd door de eigenschappen van de plant die de erfenis achterlaat. Om te achterhalen welke van deze twee mechanismen het belangrijkste is voor de productiviteit van het opvolgende gewas, en welke planteneigenschappen de feedbackmechanismen sturen zette de Wageningse promovendus Janna Barel met collega's onder leiding van Gerlinde De Deyn een tweejarig veldexperiment op.

Vermijd verwante gewassen

Het experiment testte twee principes: diversiteit in tijd en ruimte. Effecten van diversiteit in de tijd werd onderzocht door twee hoofdgewassen (haver en andijvie) af te wisselen met zes behandelingen van wintergroenbemesters. De onderzoekers testten welke soortcombinatie van zomer-winter-zomergewassen de productiviteit van het laatste gewas het meeste stimuleert. Het credo om opvolging van nauw verwante gewassen te vermijden blijkt een goed advies. De haverproductiviteit werd gehinderd door een voorgeschiedenis van Engels raaigras en voorgaande haver. Voor zowel haver als andijvie verdient het verbouwen van wintergroenbemesters de voorkeur boven winterse braakligging. Daarbij zijn biomassa en stikstofgehaltes van de wintergroenbemesters belangrijke selectiecriteria.

Diversiteit onderdrukt ziekten

De diversiteit in ruimte werd getest door de erfenis van mengsels van groenbemesters te vergelijken met de erfenis van hun monoculturen. Uit onderzoek in natuurlijke graslanden blijkt dat met het toenemen van plantendiversiteit meestal ook de productiviteit toeneemt. Daarnaast helpt diversiteit ziekte en schade door plaagorganismen te onderdrukken. Immers, de juiste plantensoort voor specialistische schadelijke organismen is moeilijker te vinden in een mengsel dan in een monocultuur. Bovendien verschillen plantensoorten in de strategie waarin ze voedingsstoffen opnemen, waardoor in mengsels er efficiŽnter gebruikgemaakt wordt van de aanwezige bodemvoorraden. Deze natuurlijke voordelen kunnen een duurzame verbetering zijn voor de landbouw. De mate waarin deze voordelen voorkomen kunnen echter sterk verschillen tussen plantensoortenmengsels.

Bladrammenas en wikke

Binnen het tijdsbestek van de proef bleek het mengsel bladrammenas-wikke productiever dan de monoculturen, in tegenstelling tot het mengsel van Engels raaigras en witte klaver. En waar het stikstofgehalte van bladrammenas-wikke mengsel onveranderd bleef, was het stikstofgehalte voor gras-klaver lager dan verwacht. Deze diversiteitseffecten werkten door in de productiviteit van haver: voorgeschiedenis van gras-klaver gaf een lagere productiviteit dan verwacht, voorgeschiedenis van bladrammenas-wikke stimuleerde de productiviteit. Opmerkelijk is dat het aantal plantenetende aaltjes in het bladrammenas-wikke mengel niet meesteeg met de biomassa van het mengsel. Dit maakt het mengsel interessant om populaties van aaltjes onder controle te houden.

Overigens verschilden de hoofdgewassen in hun reactie op de voorgeschiedenis. Zo had bladrammenas, ondanks de hoge biomassa een remmende werking op haverproductiviteit, maar niet op andijvie. In het mengsel van bladrammenas met voederwikke trad dit effect niet op, en bleek de meest succesvolle voorgeschiedenis voor beide hoofdgewassen.

Bron: WUR / Journal of Applied Ecology (via BioKennis.org)

Publicatiedatum: 14-8-2017

 



 

Ander nieuws uit deze sector:

25-5-2018 "Bio-champignons zijn in Frankrijk een hype"
25-5-2018 Biologische groenten gekweekt voor voedselbank
24-5-2018 "Prettige aan bio-landbouw is de samenwerking met de natuur"
24-5-2018 "Door de droogte hebben we weinig onkruid"
24-5-2018 Voorjaar warm genoeg voor paksoi van buiten
24-5-2018 Velddemonstraties mechanische onkruidbestrijding in Noord-Nederland
24-5-2018 Deens bio-landbouwareaal groeit naar 245.000 hectare
23-5-2018 Biologisch boeren in Zeeland: "Het blijft een beetje aanmodderen hier"
23-5-2018 "Wij bieden grote diversiteit dankzij internationale recepten"
23-5-2018 Eerste Peruaanse bio-granaatappelen in Duitsland
22-5-2018 Nieuwe locatie boerderijwinkel biedt vijf keer zoveel ruimte
22-5-2018 Spanje: bioteelt in het bos
22-5-2018 San Marino gaat voor volledig biologisch
18-5-2018 Zeeuws bio-echtpaar legt voedselbos aan
18-5-2018 Biologische insecticide Carpovirusine EVO2 effectief tegen fruitmot
18-5-2018 Bessen plukken bij de Vlaamse bioboer
18-5-2018 Suriname: Ressortleiders DOAB volgen verdiepingscursus bio-landbouw
18-5-2018 AlmerŪa wil areaal biologische kasteelt verdubbelen
18-5-2018 Denemarken: Biologische landbouw heeft groene wensen voor nieuwe minister
18-5-2018 Nooit eerder waren er zoveel bio-bedrijven in Zwitserland

 

Plaats een reactie:

Naam: *
Woonplaats: *
Email: *
  E-mail weergeven
Bericht: *
code
Voer bovenstaande code in *