Antoon Huntelerslag, specialist Regulering en Controle bij Skal:

"De importeur moet op het moment dat een levering vertrekt, het certificaat van inspectie in zijn bezit hebben"

Skal is toezichthouder op de biologische keten in Nederland, maar is ook verantwoordelijk voor de handel in biologische producten tussen Nederland en landen van buiten de EU. Vooral bij het importeren komen exploitanten soms in de problemen, merkt Antoon Huntelerslag, specialist Toezicht. “Als bedrijven zich niet aan de voorschriften houden, heeft dat enorme gevolgen, want dan verliest de levering zijn biologische status.”

Het Europese bio-keurmerk heeft een hoge standaard. Bij export naar landen buiten de Europese Unie volstaan de Skal-certificaten dan ook doorgaans. “De producten moeten uiteraard voldoen aan de Europese biologische wet- en regelgeving, zodat het niet een afvoerkanaal wordt voor producten die niet aan de voorschriften voldoen”, vertelt Antoon.

Wel eisen sommige landen, zoals Amerika en Korea, aanvullend een begeleidend exportcertificaat, ofwel ‘Transactiecertificaat'. Zo heeft Amerika antibioticavrij als aanvullende eis.

En vanaf 1 juli 2022 gaat Skal voor Groot-Brittannië exportcertificaten afgeven. “Exporteurs moeten dan een certificaat van inspectie aanvragen, precies zoals wij dat bij import van buiten de EU vragen.” Met dat certificaat van inspectie, kortweg aangeduid als COI, gaat het bij importeurs helaas af en toe mis.

“Het COI is heel belangrijk; het begeleidt de goederen vanaf het land van vertrek tot de gebouwen van de eerste geadresseerde. De importeur moet dat echt op het moment van vertrek in zijn bezit hebben.”

Certificaat van inspectie
Skal kan en mag achteraf geen COI’s goedkeuren waarvan de importprocedure niet goed is gegaan, ook niet als dat per ongeluk is gegaan. “We moeten ons echt aan de wet- en regelgeving die is opgelegd door Brussel houden, we hebben geen beleidsvrijheid.

Ik kreeg pas nog een vraag van een marktdeelnemer die zendingen import vanuit een dochteronderneming in het buitenland. Hij heeft de hele keten zelf in de hand. Toch moet hij bij iedere zending een COI aanvragen, dat kost natuurlijk geld. Zo'n bedrijf is op zoek naar beleidsvrijheid, maar die hebben we echt niet.”

Hoe lang het duurt om een COI aan te vragen verschilt per afgevende instantie. “Daar moet je je als importeur van tevoren goed in verdiepen. Ik verwijs bedrijven meestal terug naar hun toeleverancier, want die is gecertificeerd door een controlerende organisatie. Die controlerende instantie gaat ook over het afgeven van het COI.”

Juiste invoeraangifte
Niet alleen het tijdig aanvragen van een COI is cruciaal, het is ook van groot belang om een juiste invoeraangifte te doen bij de douane. “Bij die aangifte moet altijd de bescheidcode C644 worden vermeld in combinatie met het unieke volgnummer van het COI. Daardoor weet de douane dat het om biologische producten gaat.

Als het certificaat niet wordt afgetekend, worden de biologische producten niet tijdig onder ons toezicht geplaatst, dan is de keten onderbroken en mag het product niet meer als biologisch worden verkocht. De ketencontrole is immers de meerwaarde van het biologische controlesysteem.”

Verder zijn er voor specifieke landen voor hoogrisicoproducten nog verplichte controles bij binnenkomst. Dat zijn de zogenaamde guideline landen: Oekraïne, Kazachstan, Moldavië, Turkije, Rusland, China en specifieke transporten uit India. Deze guidelines zijn opgesteld op basis van de risicoanalyse van de Europese commissie, die wordt gevoed door residuzaken die door heel Europa spelen.

Guidelines
Specifieke goederen uit de guideline landen worden bemonsterd door Skal en extra geanalyseerd op residuen van bestrijdingsmiddelen. Ook vindt een traceerbaarheidsonderzoek plaats. Deze traceerbaarheid gaat terug tot aan het veld van de boer en moet volledig transparant zijn. “Als een partij niet te herleiden is naar zijn oorsprong, dan verliest de partij de biologische status.”

“Er was onlangs een importeur die drie verschillende zendingen met dezelfde boot had verstuurd. Dat kan, maar dan moet je iedere zending goed gescheiden gehouden, wat hij niet had gedaan. Dan is de traceerbaarheid zoek en word je product niet meer als biologisch beschouwd. Dat heeft dus enorme consequenties, niet iedereen beseft dat. Er is in dit geval geen residu gevonden, maar het juiste COI en volledige traceerbaarheid horen nu eenmaal ook bij biologisch.”

Problemen voorkomen
Bedrijven moeten ervoor zorgen dat ze de voorschriften goed kennen. “Zorg ervoor dat de instructies voor aangifte in het vrije verkeer goed geregeld zijn, ook contractueel met de eventuele dienstverlener die de aangifte verzorgd.

Een onjuiste aangifte leidt tot onnodig verlies van de biologische status. Dat is zonde, bovendien kost het geld om de biologische aanduiding te verwijderen.”

Daarnaast helpt het wanneer importeurs hun keten kennen: waar komen de goederen vandaar, is het traceerbaar. “Over het algemeen geldt: hoe korter de keten hoe overzichtelijker.”

Toezicht
De wet- en regelgeving en toezicht en handhaving van Skal op de import zorgen ervoor dat zendingen waarin onverklaarbare gehaltes aan residuen worden aangetroffen van de (biologische) markt worden gehaald. Ook zendingen waarvan de herkomst niet duidelijk is, mogen niet als biologisch op de markt worden gebracht.

“Exploitanten maken door de extra controles wel extra kosten voordat ze een specifiek product op de markt kunnen brengen. Dat is helaas nodig om te kunnen garanderen dat de producten die geïmporteerd worden ook daadwerkelijk voldoen aan de biologische voorschriften. Controle draagt bij aan het consumentenvertrouwen in biologische producten.”

Bron: Skal Biocontrole


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Rss Twitter Instagram

© BioJournaal.nl 2021

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven