Raymond Notermans: "Het was me het jaartje wel"

Biologische peren zijn langer en bronzer dan vorig jaar

Tholen - "Het was me het jaartje wel qua biologisch fruit telen", verzucht Raymond Notermans. Met veel schimmeldruk, hoge luchtvochtigheid en relatief hoge temperaturen was het moeizaam om tot een productie te komen. De peren zijn dit jaar langer dan vorig jaar," merkt hij op. "Dat zegt iets over de moeilijkheid van de zetting. We hadden veel vorst, kou en nattigheid in het voorjaar."

De peren die Raymond heeft geoogst zijn bronzer dan vorig jaar. "Vorig jaar had ik een kwaliteit die aan de bovenkant van de bio meekon en vergelijkbaar was met gangbaar. Niet alleen wij, ook de gangbare sector hebben dit jaar te maken met bronsheid door lange periodes van donker en koud weer."

Beeld: PHC

Toch denkt Raymond dat hij er qua schimmeldruk goed doorheen is gekomen en dat heeft volgens hem alles te maken met zijn manier van telen. Raymond teelt biologische Conference op 2,5 hectare en werkt daarnaast ook als bodemadviseur voor Plant Health Cure. Het weerbaar telen heeft hij tot doel verheven, om het idealistisch te zeggen. "Als je weerbaar telen en de kennis van de systemen in de natuur als basis neemt, dan kom je verder dan wanneer je alsmaar blijft bestrijden."

Schimmeldruk
Makkelijk is dat niet in een jaar met veel schimmeldruk. "Het is een uitdaging omdat je aan de ene kant probeert weerbaar te telen - met plantaardige aminozuren die energie in het gewas houden - terwijl je tegelijkertijd ook weet dat de druk van de schimmels dermate groot is dat je ook iets moet doen aan het bestrijden. Het zoeken van die balans is heel moeilijk geweest."

En dus zette Raymond dit seizoen koper in. Medicinaal, in heel lage dosis, binnen de incubatietijd van de schimmelsporen. "Samen met kalibicarbonaat en kalkzwavel is koper in de biologische teelt toegelaten. Zeker koper heeft een negatief imago. Het heeft de naam het bodemleven kapot te maken. Dat is ook zo in de basis, alleen ik denk dat als je het slim en met heel kleine beetjes inzet, dat je dan een heel eind kan komen. Ik weet dat dat niet goed samengaat met aminozuren die we inzetten om de plantweerbaarheid te vergroten. Het is kiezen tussen twee kwaden. Je wilt je plant niet meer belasten dan nodig is door met koper te blijven rijden. Het geluk was dat die incubatietijd lang was, je had zo'n acht tot tien uur de tijd om de kiemen van de sporen te elimineren."

Schurft ontdekte Raymond pas laat: begin augustus. "Wellicht dat het kwam van de Verdi-bomen waar ik er vijf van heb staan. Daar heb ik wel vaker schurft in, maar dat is nog nooit tot uiting gekomen in de Conference, mijn hoofdras. De hoeveelheid schurft op de vruchten valt mee. Minder dan één procent wat ik tijdens de oogst heb waargenomen en dan is de vraag hoe dat zich gaat gedragen in de bewaring." Volgens Raymond is het een illusie dat biologische telers geen last hebben van schurft. De vraag is alleen, hoe krijg je het tot een behapbaar probleem?

Problemen oplossen met systeemdenken
Zowel als bodemadviseur als in de rol van teler heeft Raymond veel aandacht voor het bodemleven. Hij doet niet aan grondbewerking en haalt de gevallen bladeren niet weg. In februari is al het blad verteerd. De onderzaai word met een mulcher en bosmaaier onder controle gehouden. 

"Altijd begroeiing op de bodem komt ten goede aan de bodemactiviteit", legt hij uit. "Onlangs heb ik een bodemanalyse laten doen. Daaruit bleek dat het organische stofgehalte binnen vier jaar tijd met een half procent is toegenomen. Ondanks dat ik in die jaren als bioteler maar tien ton compost heb gestrooid. Ik gebruik drijfmest, wat relatief maar weinig organische stof bevat. Dus mijn begroeiing zorgt voor koolstofvastlegging. Grondbewerking zou dat verstoren."

Aan de andere kant heeft Raymond door de begroeiing wel last van muizen en woelratten. Voor hen is die begroeide omgeving aantrekkelijk. "Ik heb alliums gezaaid die het door hun geur wat minder aantrekkelijk maken. Om een probleem op te lossen ben je dus in het systeem van de natuur aan het denken."

Die manier van telen is in de afgelopen jaren niet zonder succes gebleken. Na een omschakelperiode van drie jaar teelt Raymond nu twee jaar biologisch. Dit jaar plukte hij dertig ton, vorig jaar was dat een dikke veertig ton peren. 

Beeld: PHC

Er zijn niet veel biologisch hardfruittelers in Limburg. "Ik kan de nachtvorst niet pareren door te beregenen. We hebben hier geen oppervlaktewater. Dus ik moet vanuit die weerbaarheid acteren. Aan de andere kant is er prima te telen door de hoge lössgrond, ondanks dat ik geen water heb. Dat zegt wel iets over mijn bodemfunctie." 

Daarin zijn de plantaardige aminozuren, de OPF van Plant Health Cure, in combinatie met de calciummeststof Natural Green, van wezenlijk belang, stelt Raymond. "Dat draagt eraan bij dat de afweermechanismen van de bomen in een heel vroeg stadium worden ingeschakeld. We kregen er ook een heel donkergroen blad van. Daaraan zie je dat de fotosynthese goed op gang komt."

Heftige omschakelperiode
Volgens Raymond speelt de lange omschakeltijd van drie jaar erin mee dat telers niet en masse overschakelen naar biologische teelt. Voordat hij vijf jaar geleden omschakelde, heeft hij er lang over getwijfeld. "Ik heb altijd interesse gehad om bio te telen. Ik was jaloers op mijn buurman die biologische runderen had. Hij kon de stap maken die ik niet kon maken. Als gangbare teler weet je dat je product cosmetisch wordt beoordeeld in de markt. En als je dan met een bioproduct komt dat niet diezelfde cosmetische kwaliteiten heeft, dan ga je gewoon nat. En als je daarnaast ook nog de helft van je oogst kan verliezen in de bewaring, is dat een gigantisch financieel risico. Dat heeft me er altijd van weerhouden om die stap te maken."

Die drie jaar omschakelen noemt Raymond 'best heftig', door het ontbreken van een markt voor omschakelfruit. "Je moet gewoon met een biologisch geteeld product wat er anders uitziet dan een gangbaar product, de gangbare markt op." Wel ziet hij dat er de intentie is van sommige partijen om omschakelfruit te waarderen. "Ik hoop dat dat voldoende is voor de teler om de kosten en het risico af te dekken. Vaak is het zo dat de ruimte voor omschakelfruit er pas komt als de biologische producten van de markt zijn. Maar de handel stapt dan vaak over op biologisch fruit van overzee. Dan sta je daar met je omschakelfruit terwijl er ook voldoende biologisch fruit uit het buitenland is. Daarover moeten we de marktdiscussie aan. Hoe ketenkrachtig is ons biologisch fruit?"

Voor meer informatie:
Raymond Notermans
+31 (0)6 1210 5526 
r.notermans@phc.eu 


Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Rss Twitter Instagram

© BioJournaal.nl 2021

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven