Bio-groenten uit Spanje: vaak niet werkelijk biologisch

Spanje is Duitslands grootste leverancier van bio-tomaten. Daar worden ze soms met kunstbemesting geteeld die de biologische landbouw niet toestaat.

Veel bio-telers in Zuid-Spanje maken blijkbaar gebruik van synthetische bemesting die in de biologische landbouw verboden is. Volgens een onderzoek van taz laten de controlerende instanties in Andalusië meerdere preparaten toe die zoveel stikstof bevatten dat ze volgens deskundigen alleen kunstmatig geproduceerd kunnen worden. Uit deze regio komen volgens de Agrarmarkt-Informationsgesellschaft de meeste biologische vruchtgroenten zoals tomaten, paprika's en komkommers die in Duitsland verkocht worden.

Stikstof is een belangrijke voedingsstof voor planten om de vruchtbaarheid te behouden. Maar als telers teveel ervan op de akkers brengen, kan potentieel gezondheidsschadelijk nitraat uit de bemesting het grondwater belasten waaruit drinkwater wordt gewonnen. Ook hoge nitraatgehaltes in levensmiddelen kunnen een gevaar vormen voor de gezondheid. In het milieu draagt teveel bemesting bij aan het uitsterven van planten- en diersoorten evenals aan klimaatverandering.

Daarom moeten bio-telers volgens de bio-verordening de grond met wisselende soorten beplanten. De teelt van peulvruchten bijvoorbeeld is een belangrijke bron om op natuurlijke wijze de grond met stikstof te verrijken. Synthetische preparaten en makkelijk oplosbare minerale bemesting zijn volgens de voorschriften nadrukkelijk niet toegestaan. Dat en een beperking van het aantal dieren per hectare verhindert in de praktijk meestal overbemesting.

Slecht circa 15 procent stikstof in de biologische landbouw
Maar de controlerende instantie in Andalusië, Sohiscert, heeft naar eigen zeggen bijvoorbeeld de bemesting Nitromax toegestaan. Dit product bevat volgens Sohiscert 34 procent en volgens de producent 30 procent stikstof. "Met de voor de biologische landbouw toegelaten substanties is het bij circa 15 procent stikstof klaar“, schrijft agrarisch ingenieur Rolf Mäder in de taz. Hij houdt voor het Duitse onderzoeksinstituut voor biologische landbouw (FiBL) een lijst van de in Duitsland toelaatbare middelen bij.

Een hoger stikstofgehalte zou men met organisch materiaal zoals hoornmeel, hoornspaanders of andere dierlijke producten niet kunnen bereiken. "Het moet om puur synthetische bemesting gaan, aangezien hij zelfs een hoger stikstofgehalte bevat dan de meest gangbare synthetische stikstofbemesting zoals kalkammonsalpeter“, aldus Rolf.

Dat bevestigt ook Albrecht Benzing, co-directeur van de Beierse controlerende instantie Ceres: zijn bedrijf trekt zich momenteel uit Andalusië terug, "vooral omdat de concurrentie tussen de verschillende instanties tot zulke lage prijzen leidt dat het niet mogelijk is om zo te werken dat het aan onze kwaliteitseisen voldoet". Ceres heeft geweigerd om productiemiddelcertificaten van SohisCert te erkennen.

Wanneer Sohiscert een middel voor de biologische landbouw toelaat, accepteren alle andere controlerende instanties dat normaal gesproken, deelt het ministerie van Landbouw van Andalusië, die verantwoordelijk is voor het toezicht op Sohiscert, aan taz mee. De grootste biologische controle-instantie in de regio, CAAE, bevestigt dat. Alle bio-telers in de autonome regio, met de voor de groenten- en fruitteelt zo belangrijke regio Almería, mogen deze bemesting dus inzetten.

Nitromax is geen uitzonderingsgeval. Albrecht Benzing heeft bij een steekproef op de lijst van Sohiscert minstens één ander bemestingsmiddel met naar zijn mening een ontoelaatbaar hoog stikstofgehalte gevonden: het middel Trixol, waarvan Sohiscert het stikstofaandeel met 24 procent, en de fabrikant met 15 procent aangeeft.

Beide middelen waren ook eind oktober nog met het Sohiscert-keurmerk verkrijgbaar. Jarenlang had de controlerende instantie ook de bemesting Tryven toegelaten, met volgens de fabrikant 24 procent stikstof. Daarentegen trad het ministerie van Landbouw van Andalusië volgens Albrecht hier pas tegen op nadat Ceres en de Duitse autoriteiten bezwaar indienden. Het in 2016 door Sohiscert toegelaten preparaat MC Ecofoliar 30-0-0 bevatte zelfs 30 procent stikstof.

Naast deze eenduidige gevallen zijn nog vele andere bemestingsmiddelen toegestaan die volgens Albrecht tenminste twijfelachtig zijn. "Vloeibare soorten bladbemesting met elk 3 tot 5 procent in water oplosbaar stikstof, kalium en fosfor, zoals dit hier in vele varianten wordt aangeboden, kunnen eigenlijk niet aan de regels voldoen", zegt de bio-controleur. Ze voldoen in geen geval aan het grondprincipe van de biologische landbouw om de planten via een levendige en humusrijke grond te voeden.

Bron: taz


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BioJournaal.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven