Abonneren

Vacatures

Top 5 - gisteren

Top 5 - afgelopen week

Top 5 - afgelopen maand

"Zonder resistente aardappelrassen begin je niets tegen phytophthora"

Eerste phytophthora steekt weer de kop op

Tholen – Eens in de zoveel tijd steekt de aardappelziekte phytophthora weer de kop op. Ook dit jaar druppelen de eerste meldingen alweer binnen. Met name aardappeltelers uit het zuiden des lands levert dat de nodige kopzorgen op. "Door het onnavolgbare klimaat met alle heftige regenval deze maand kun je weinig uithalen tegen deze ziekte. In de biologische teelt kun je hooguit hopen de uitbraak voor te zijn door het teeltproces zo vroeg mogelijk op te starten. Of door als teler over te stappen op phytophthora-resistente rassen", stelt Christoffel den Herder van Delphy. "Maar dan moet wel de hele keten eraan meewerken. Méér dan nu het geval is."



Meldingen

Twitter stroomt inmiddels vol met berichten van telers die phytophthora hebben aangetroffen in het loof van hun aardappelplanten. Dat is ook Jan van Hoogen, algemeen directeur van Agrico, niet ontgaan. "Onze buitendienstmedewerkers constateerden op 14 juni al een phytophthora-uitbraak. Er is toen meteen een alert uitgestuurd om alle leden-telers hiervan te verwittigen en – waar mogelijk – maatregelen te treffen om mogelijke gevolgschade zoveel mogelijk in te perken."

Christoffel, die als senior adviseur biologische akkerbouw werkzaam is voor Delphy, stelt dat de uitwassen van deze uitbraak vooral voelbaar zijn in het zuiden van het land. "Onder Flevoland – waar de bloeiperiode net achter de rug is – is de ziekte al in een vergevorderd stadium aanbeland."

Aanhoudende regenval funest

"De wisselvallige weersomstandigheden van de afgelopen paar weken helpen ook niet mee", vervolgt hij. Je zou verwachten dat de conventionele teelt in wat voor omstandigheden dan ook beter bestand is tegen phytophthora dan de biologische teelt, vanwege de inzetbaarheid van bestrijdingsmiddelen, maar dat is lang niet altijd het geval. "Bestrijdingsmiddelen hebben pas enig effect als het na inzet drie weken relatief droog blijft. Bij gebrek aan standvastig weer heeft de schimmel daarom met name in het zuiden vrij spel gehad. Je doet er niets aan. Net als bij meeldauw bij uien zit de lucht vol met sporen." Zoals de wind waait klampt phytophthora zich vast aan elk gewas dat zijn pad kruist en er vatbaar voor is.

Omdat je als biologische teler je hoop niet kunt vestigen op betere weersomstandigheden – droogte kan verdere schimmelvorming afremmen maar nooit volledig verhelpen – zijn de consequenties voor die productgroep wel een stuk rigoureuzer. Jan: "Is de aardappelplant eenmaal aangetast, dan rest er weinig anders meer dan het loof dood te branden. De aardappelen groeien dan niet meer verder, maar dat is de enige methode om de schimmel uit te roeien."

Christoffel: "Als de ziekte zich nog in een pril stadium bevindt en alleen de bladeren zijn aangedaan, dan is het nog niet meteen einde verhaal. Anders wordt het wanneer de schimmel door aanhoudende regenval de grond in spoelt en vervolgens de knollen aantast. Als de knollen eenmaal geïnfecteerd zijn, is de kans groot dat de partij na de oogst erg lastig te bewaren is."

Preventie

In de biologische teelt kan niet worden teruggegrepen op bestrijdingsmiddelen. Christoffel: "Je kunt daarom hooguit proberen de uitbraak voor te blijven door vroeg in het seizoen het teeltproces op te starten. Met preventieve teeltmaatregelen hoop je dat het gewas zover mogelijk ontwikkeld is als de phytophtora komt. De ziektedruk neemt over de tijd flink toe. Het is raadzaam om de aardappelen voor te kiemen, vroeg te poten en ook de bemesting goed te reguleren. Op het moment dat de aardappelen dan gepoot worden, groeien ze vele malen harder en kan men de schokgolf zoveel mogelijk voor zijn."

Resistente rassen

Christoffel vervolgt: "Omdat er in de biologische teelt nagenoeg geen methodes voorhanden zijn om de ziekte te lijf te gaan, is het noodzakelijk om meer phytophthora-resistente rassen te gebruiken." Jan is dezelfde mening toegedaan. "Biologische telers hebben dat soort rassen het hardst nodig. Die staan met de handen in het haar bij iedere uitbraak, omdat ze tot op heden steeds machteloos moesten toekijken. Agrico is de eerste partij die een phytophthora-resistent ras heeft vermarkt om die onzekerheid uit de weg te gaan. Dat proces is 60 jaar geleden al opgestart, dus het is met recht een traject van de lange adem. En dan nog kun je niet stil blijven zitten. De resistentie zou doorbroken kunnen worden. Net als bij antibiotica voor medische doeleinden wijzigen de stammen van de schimmel voortdurend en raak je als veredelaar verzeild in een rat race. Je moet blijven doorontwikkelen."

Christoffel stelt dat de knowhow er is, maar dat de consument het product nog wel moet accepteren. "Telers zijn inmiddels overtuigd van deze pragmatische aanpak, maar de keten zelf is nog ietwat terughoudend. Aardappelrassen, kleur en kookeigenschappen zijn per ras zo uniek dat handelshuizen, supermarkten en ook consumenten daarbij standaard een bepaald beeld voor ogen hebben. Met uien is dat volkomen anders. Een ui is voor velen gewoon een ui. Bij aardappelen is men zo gewend geraakt aan specifieke combinaties van producteigenschappen, zoals smaak, uiterlijk, vastigheid en textuur van de schil, dat phytophthora-resistente rassen daarin nog niet volledig kunnen voorzien. Misschien is dat een kwestie van tijd. Bovendien worden er nog altijd nieuwe resistente rassen ontwikkeld om tegemoet te komen aan die wensen."

Voor meer informatie:

Jan van Hoogen
Algemeen directeur
Agrico
Duit 15
8305 BB Emmeloord
T: +31 (0)527-639911
F: +31 (0)527-639880
hoogen@agrico.nl
www.agrico.nl

Christoffel den Herder
Senior Adviseur Biologische Akkerbouw
Delphy
M: +31 (0)6-12155131
T: +31 (0)317-491578
F: +31 (0)317-460400
c.denherder@delphy.nl
www.delphy.nl

Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven