Nederland blijft achter in bescherming kinderen tegen hormoonverstorende stoffen

"Waarom doet Nederlandse overheid niets om kwetsbare groepen te beschermen tegen zorgwekkende stoffen?" Deze vraag stelt de organisatie WECF – een internationaal netwerk van vrouwen en milieuorganisaties voor een duurzame toekomst – in een brief aan de Minister van Gezondheidszorg en de staatssecretarissen van Milieu en Economische Zaken naar aanleiding van deze uitzending van het TV-programma Zembla (donderdag 19 december, 21:20 uur). In de brief wordt gewezen op het gevaar van zogeheten hormoonverstorende stoffen voor met name zwangere vrouwen en kinderen.
 
Er zijn steeds duidelijkere aanwijzingen dat hormoonverstorende stoffen tot blijvende gezondheidsschade leiden. Kinderen in de ontwikkelingsfase voor en na de geboorte zijn het meest kwetsbaar voor hormoonverstorende stoffen. De gezondheidseffecten zijn vaak onomkeerbaar en treden vaak pas later in het leven op. Deze stoffen zitten in een groot aantal consumenten producten onder andere in onze voeding, dranken, in plastic, in speelgoed, in keukengerei, in meubels, in kleren, in verzorgings- en schoonmaakproducten. Volgens de Wereldgezondheidsorganisatie vormen hormoonverstorende stoffen een bedreiging voor de volksgezondheid, natuur en milieu.
 
Er is voortschrijdend wetenschappelijk inzicht dat blootstelling aan zelfs hele lage doses EDC's de ontwikkeling van de hersenen en andere organen verstoort. De blootstelling gaat via allerlei wegen zoals voeding, via de huid en inademing. De WHO (Wereld Gezondheid Organisatie) bracht recent rapporten uit over de potentiële schade aan de ontwikkeling van kinderen. Ook het Europese Milieu Agentschap EEA publiceerde een uitgebreid overzichtsrapport dat wijst op een relatie tussen hormoonverstoring en de opmerkelijk sterke toename chronische ziekten en aandoeningen in de laatste decennia. Beide organisaties roepen beleidsmakers op tot versnelde preventieve maatregelen, ookal zijn er nog lacunes in de kennis. Denemarken, Zweden en Frankrijk hebben al wettelijke stappen genomen om bepaalde EDC's te verbieden en kwetsbare bevolkingsgroepen pro-actief te informeren, zoals blijkt uit de uitzending van Zembla, maar Nederland blijft achter.
 

Vermijding van blootstelling is vrijwel niet mogelijk voor de burger

Wettelijke bescherming loopt ver achter bij nieuwe wetenschappelijke inzichten. De toelatingsnormen voor chemische stoffen en bestrijdingsmiddelen zijn niet afgestemd op schadelijke effecten die bij blootstelling aan zeer lage doses EDC's kunnen optreden. Ze zijn ook niet afgestemd op de veel grotere gevoeligheid van kinderen in hun ontwikkeling voor en na de geboorte. Zoals uit de Zembla uitzending bleek, kan de Nederlandse overheid niet meer volhouden dat producten op de Nederlandse markt wat betreft EDC's veilig zijn.
 
Sascha Gabizon, directeur van WECF, zegt: "De verantwoordelijkheid voor de bescherming van de Volksgezondheid ligt in de eerste plaats bij de nationale overheid. Wij zijn van mening dat de ernst van de problematiek in Nederland ten onrechte wordt ontkend of genegeerd. Er is teveel prioriteit gegeven aan korte termijn bedrijfsbelangen ten kosten van gezondheidsbelangen. Als er één terrein is waar de industrie maatschappelijke verantwoordelijk moet tonen, dan is het wel hier."
 
De brief van WECF, PAN en Ecobaby geeft 9 concrete aanbevelingen voor het versneld aanpakken van preventie, informatie aan de burgers en ondersteuning van Europese beleidsmaatregelen.
 
Voor meer informatie: www.wecf.eu, www.eenveilignest.nl

Publicatiedatum:


print   

Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© BioJournaal.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven